Hart voor Waddinxveen


(8b) Vragen bij de lezing gehouden op 14 mei 2010 over "De onrechtvaardige landlieden" door Willem J. Ouweneel in de Ontmoetingskerk in Waddinxveen Afdrukken E-mailadres
woensdag, 01 december 2010 22:14

Er is veel bevestigd over allerlei zaken waar mensen bij betrokken zijn. Dat is ook mooi.

Nu blijven er nog maar drie vragen over.

In de uitleg van de gelijkenissen zoals u die gaf, wie zijn de pachters? Alle gelovigen of de leiders van de gemeente?

Ja, dat is een van die dingen die ik niet verteld heb, het antwoord luidt; in feite is allebei wel goed. Je zou kunnen zeggen de pachters dat zijn de dienstknechten van de Heer en dan zou je in eerste instantie aan de geestelijke leiders kunnen denken. De Here Jezus heeft het per slot daar gesproken tot de geestelijke leiders van Israël, de Farizeeërs en de Schriftgeleerden. Nu is leiders een breed woord, de Farizeeërs waren niet in formele zin leiders, de farizeeërs waren een van de verschillende religieuze stromingen. Als je lid bent van een bepaalde religieuze stroming, christelijke stroming in Nederland dan ben je niet automatisch leider ook al is die stroming nog zo gerespecteerd. Dus farizeeën waren leden van, wat we noemen, een sekte, maar dat klinkt zo lelijk, van een van de stromingen die er in Israël waren, waarvan de Farizeeën en de Sadduceeën de bekendste waren. Schriftgeleerden waren in feite ook niet de leiders, dat waren de theologen en je kunt best een theoloog zijn zonder een leider te zijn. De leiders worden omschreven als de oversten van het volk. We lezen van Nicodemus dat hij overste was van de Joden, dat is een geestelijke leider. Ze worden ook genoemd de oudsten van het volk, de oversten en de oudsten dat zijn uitdrukkingen die voorkomen. De pachters kun je dus iets van denken, maar de Here Jezus spreekt tot mensen die op zichzelf ook geen geestelijk leiders waren. In die brede zin van het woord kun je aan elke gelovige denken, daar is geen enkel bezwaar tegen. Farizeeën zijn lid van een bepaalde richting, sadduceeën zijn van een andere richting, in dat tempelonderwijs krijgen ze ook allemaal een beurt, dat van de opstanding gaat tegen de sadduceeën en op een ander moment, ik meen als Hij het heeft over die munt waar de Romeinse keizer op staat, gaat het tegen de sadduceeën en de Herodianen. Alle verschillende groeperingen krijgen daar een beurt. De Here Jezus heeft geen liefjes, geen favorieten, geen lievelingetjes moet ik zeggen. Slechte onderwijzers hebben lievelingetjes in de klas en dat niet alleen, ze laten dat nog merken ook. Je kunt best het ene kind aardiger vinden dan het andere, maar dan moet je dat niet laten merken. Maar bij God zijn geen lievelingetjes. God in de hemel weet dat er 40.000 christelijke denominaties zijn, 40.000, en Hij heeft geen lievelingetjes. Alle ware gelovigen in al die denominaties dat zijn Zijn lievelingetjes. Als ik even die uitdrukking mag gebruiken. We moeten daar heel voorzichtig mee zijn om God omlaag te trekken tot Iemand die partij moet kiezen bij al onze twisten. God staat daar ver boven. Dat maakt het ook zo ernstig als je de gemeente over iets verdeelt. Ik ben dit seizoen met verschillende evangelische gemeenten in aanraking geweest waar ik lezingen hield en waar je dan hoort, een groot deel heeft zich afgescheiden. En als je dan hoort waar het over gaat, met alle respect, voor die mensen zal het allemaal misschien wel verschrikkelijk belangrijk zijn, maar dat mag niet. Daar kun je niet zomaar de gemeente over verscheuren. Ik vind dat doodeng. En dat gaat maar door. We leren het nooit lijkt het wel. Dus ik zou zeggen, wie de schoen past, trekke hem aan, en dat geldt niet alleen voor geestelijke leiders of schriftgeleerd, dat zijn dan wel theologen maar dat is ook niet per se geestelijke leiders en farizeeën zijn gewoon lid van een religieuze richting.

 

Is er nog hoop voor een gemeente als de Heer de wijngaard aan anderen heeft gegeven. Zo ja, wat dan?

We vinden dat vaker in Openbaring in de hoofdstukken 2 en 3, bijvoorbeeld ook bij Efeze lezen we dat als zij niet tot hun eerste liefdes zouden terugkeren, een hele keurige orthodoxe gemeente, mankeerde niets aan, maar er staat, u hebt uw eerste liefde verlaten en dan zegt de Here Jezus; 'Als jullie je niet bekeren', dat wordt dus van gelovigen gezegd, dat ze zich moeten bekeren, als ze dat niet doen, 'dan kom Ik tot u en zal uw kandelaar van zijn plaats wegnemen'. Dat betekent, zo'n gemeente is nog steeds een verzameling van ware gelovigen, gaan we maar even vanuit, in ieder geval een groot deel van hen, er wordt ook positief over gesproken, maar als zodanig, als gemeenschap, is de kandelaar van hen weggenomen. Ze zijn niet meer dat lichtende licht en dat is niet omdat ze zelf dat licht langzaam hebben laten doven, nee, dit is een licht van God. Hij neemt de kandelaar weg. In zekere zin zou je kunnen zeggen, Hij heeft die kandelaar weggenomen en gegeven aan Smirna. In de kerkgeschiedenis is het ook letterlijk zo gegaan, de apostel Johannes woonde in Efeze en toen hij gestorven was toen was het ook echt afgelopen, toen heeft Efeze ook zijn leidende functie verloren en die is overgegaan op Smirna, waar een leerling van Johannes woonde, Polycarpus, die op 85-jarige leeftijd z'n leven beëindigd heeft op de brandstapel. En die werkelijk in de gemeente in Klein-Azië de grote voorman van die tijd was. Heel letterlijk zie je hoe het geestelijk leiderschap van de gemeente in Efeze, dat ze aanvankelijk hadden, zeker omdat Johannes daar was, overging op Smirna, heel letterlijk. De kandelaar werd weggenomen van de een en overgebracht naar een ander. Dat kan. En ik heb dat bij Laodicea ook gezegd, en nu vraagt u; kan dat nu weer goedkomen? En het antwoord luidt; Ja. Want dat is wat de Here Jezus zegt, hij zegt tegen Laodicea; 'Ik sta buiten'. Maar Hij zegt;' Ik klop, Ik sta aan de deur en Ik klop, als iemand Mij open doet', ik heb dat daarstraks al benadrukt. Hij zegt dus niet alle mensen in die gemeente moeten voor Mij open doen, maar Hij zegt; al zou het er maar een zijn, dan zou Ik via die ene weer de gemeente binnenkomen. Stel je eens voor dat je dat heel letterlijk kunt voorstellen, dat je moet zeggen, deze gemeente, dat is zo verwaterd, daar is zo weinig liefde over, daar kan de Here Jezus toch niet meer zijn, daar heeft Hij geen plezier meer aan om daar te zijn, om het maar zo uit te drukken. Maar Hij staat wel buiten aan de deur en het feit dat Hij klopt, betekent dat er hoop is voor die gemeente, dat betekent voor al die zeven gemeenten, er is hoop voor ze want ze krijgen allemaal vermaningen. Alleen Smirna en Philadelfia, die krijgen nauwelijks of geen vermaningen, de enige bedekte vermaning aan Philadelfia is; jullie hebben kleine kracht, daar kun je een bedekt verwijt in zien, maar die krijgen dan geen vermaningen. De andere vijf wel, maar het feit dat de Here God, de Here Jezus vermaant, geeft aan dat Hij ze nog niet heeft losgelaten. Er is nog hoop voor ze. Anders zou het geen zin hebben om het te zeggen. En zelfs voor Laodicea geldt dat. "Zie Ik sta aan de deur en Ik klop." Evangelisten mogen dat toepassen op het evangelie, prachtig, evangelisten mogen elke tekst van de Bijbel toepassen op het evangelie, dat is mooi. Moet je ook nooit aanmerkingen op maken, als er mensen door tot de Here Jezus komen, prima. Alleen de leraren in de gemeente mogen dat natuurlijk niet, die moeten de Bijbel uitleggen. Dan moet je dat woord niet toepassen op ongelovigen, je moet het toepassen op een gemeente. Vooral als die gemeente een hoge dunk van zichzelf heeft, terwijl ze in feite lauw zijn geworden. De Here Jezus geeft die gemeente niet op maar Hij staat wel buiten; Zie, Ik sta aan de deur en Ik klop. Als iemand de deur open doet dan zal Ik binnenkomen en Ik zal maaltijd met hem houden en hij met Mij. Sorry voor de vergelijking maar dan is hij als het paard van Troje. Via die ene gelovige komt Hij de gemeente binnen. Of het turfschip van Breda of welk verhaal u er ook bij wil halen, dan komt Hij via die ene persoon de gemeente binnen. Een persoon die in lichterlaaie staat kan een hele gemeente veranderen. Behalve in die gevallen dat die ene persoon eruit gemikt wordt, dat gebeurt ook, zo'n stoorzender kunnen ze daar niet gebruiken, die iedereen wakker maakt, dat is natuurlijk zeer storend. Maar als zo iemand geaccepteerd wordt kunnen er wonderen gaan gebeuren. Of die ene zoekt een paar anderen op, geestverwanten die misschien niet meer durven te spreken of iets zeggen, maar die bij elkaar gaan komen om samen te bidden voor de gemeente. Samen te bidden voor de oudsten, de voorganger, de kerkenraad of hoe dat ook hete moge bij u. Dan zijn er een, twee, vijf, zes, door wie de Heer binnenkomt in die gemeente. Daarmee gaat er toch weer licht schijnen in zo'n gemeente, komt er toch weer warmte binnen in zo'n gemeente. Dus je moet het nooit opgeven. Dan kan er een enorme vernieuwing komen waardoor die kandelaar ook weer terug kan komen. U moet dat van die kandelaar ook niet zo letterlijk opvatten alsof er in Waddinxveen maar een gemeente is waar die kandelaar is en alle anderen hebben het nakijken. Zo is dat niet. Gelukkig niet, daarom zei ik daarstraks ook, ik heb geprobeerd niet partijdig te zijn, kool en geit te sparen, katholiek, protestant, reformatorisch, evangelisch, wie de schoen past, trekke hem aan. Ik heb geprobeerd geen enkele voorkeur uit te spreken voor ieder geldt hetzelfde. Ben je een gemeente, al heb je nog zo'n hoge dunk van jezelf, theologisch of kerkhistorisch, maakt niet uit, al heb je nog zo'n hoge dunk van jezelf, als de gemeente koud en kil is geworden en er geen warmte, geen liefde meer is voor de Here Jezus, als die liefde uitgedoofd is, als er geen wijngaard meer is met druiven waar Hij vreugde aan beleven kan, dan houdt het op. Het maakt helemaal niet uit wat voor merk gemeente dat is. Hij staat daar ver boven, daar gaat het helemaal niet om, Hij kijkt naar de harten van de gelovigen die daar zijn. Denk erom, voordat er allerlei verkeerde conclusies getrokken worden, want dat gebeurt gemakkelijk en daar kan ik ook zelf schuldig aan zijn, dat betekent dan niet dat het niet uitmaakt hoe uw gemeente in elkaar zit, of dat je er niet naar moet streven zo Bijbels mogelijke gemeente moet zijn, wat voor criteria je daarvoor aanlegt, dat betekent dus dat het helemaal niet uitmaakt wat je allemaal bent, natuurlijk niet, je moet een gemeente vormen die naar jouw geweten en naar jouw inzicht een zo Bijbels mogelijke gemeente is. Dat staat er helemaal los van, dat blijft fier overeind, maar daar ging het vanavond niet over. En dat brengt me ook meteen tot een volgende vraag.

Als we onze wijngaard rein houden, behoren we dan tot de uitverkorenen van God? We kunnen dat toch niet van onszelf? Dat zijn twee verschillende dingen, ik splits het even op. Als het om ware gelovigen gaat, dan zijn dat uitverkorenen van God. Elke wedergeboren gelovige, elke ware gelovige, is een uitverkorene van God. Maar we moeten goed bedenken dat het Nieuwe Testament spreekt over vleselijke gelovigen en geestelijke gelovigen. Ik zeg niet, vleselijke christenen want dat kunnen ook niet-wedergeboren christenen zijn, mensen die wel uitwendig een christelijk getuigenis hebben maar nooit een vernieuwd hart hebben gekregen. Ik heb het over gelovigen. Ware gelovigen kunnen vleselijk en geestelijk zijn. Of ze nu Refo of Evo zijn, ware gelovigen kunnen vleselijk en geestelijk zijn. Het is mooi en je mag daar de Here voor danken als je tot de uitverkorenen mag behoren, maar dat wil nog niet zeggen dat je een geestelijk christen bent. Een geestelijk christen in 1 Kor. 2 is een christen die vervuld is met de Heilige Geest. Onthoud dat maar, luister maar goed wat de dominee daarover te zeggen heeft, overmorgen over een week met Pinksterzondag. Wat betekent de Heilige Geest. En dat is ook het antwoord op het tweede stukje van de vraag, dat kunnen we toch niet van onszelf? Heel vaak wordt dat gebruikt als een absolute waarheid waar ik het van harte mee eens ben, we kunnen het niet van onszelf, maar even vaak wordt het ook gebruikt als een doekje voor het bloeden. Als een goedkoop statement dat bij voorbaat gebruikt wordt om je in te dekken als het toch misgaat. Hebt u goed gehoord wat ik zei? Niet alleen dat laatste mag blijven hangen. Ik zei; heel vaak is het een volkomen waarheid, we kunnen het niet van onszelf, dat is voor mij ook zo volkomen vanzelfsprekend, dat zeg ik er niet altijd bij, als je dat nu nog niet weet, een christen kan helemaal niets behalve uit de kracht van de Heilige Geest. Zelfs het nieuwe leven dat in ons is, in zichzelf, heeft geen kracht. Hij kan dat alleen door de Heilige Geest, daarom is het zo zorgelijk dat er in zoveel kringen zo weinig over de Heilige Geest gepreekt wordt. Want het kan alleen maar door de kracht van de Heilige Geest. Dat is vanzelfsprekend, dat weet iedere Christen als het goed is. Alleen waar het om gaat is, we kunnen het niet van onszelf maar wil je het wel kunnen? Of gebruik je het als een excuus voor al die keren dat het misgaat? Om het extreem te zeggen, stel je voor dat je een gemeente bet die geen wijngaard is, die vreugde brengt voor de Here God, die goede druiven voortbrengt. En je zou zeggen, ja dat is ook geen wonder, dat kunnen we ook niet van onszelf, neem dat eens op en draai dat eens twintig keer af wat je daar zegt. Het is zo onbillijk tegenover de Here God. Hij verwacht, dat staat er zo treffend, zo menselijk ook, Ik verwacht de goede druiven, maar Hij kreeg ze niet, het waren verkeerde druiven. En wat zeggen wij? Ja, maar Here God, dat is niet onze schuld, dat is Uw schuld, want wij kunnen dat niet van onszelf. Dat komt dus van U. Dus als wij het niet voortbrengen, dan hebt U gefaald, niet wij. Ja, dat zeggen ze niet, maar dat kan erachter zitten als je zegt; Wij kunnen dat niet van onszelf. Ik zeg niet dat de vraagsteller dat bedoelt, maar het wordt zo vaak gezegd, als bij voorbaat een excuus en dat is levensgevaarlijk. Hier gaat het over onze verantwoordelijkheid, van een wijngaard. De Here God plant een wijngaard, dat is de boodschap van Jesaja 5 en Lucas 20. De Here plant een wijngaard en Hij zegt; Ik verwacht de goede druiven. Wij zouden zeggen; Hij verwacht niets van ons, want uit onszelf hebben wij niets, het moet allemaal van Hem komen. Ja, dat is wel waar, maar dat is maar tot op zekere hoogte waar, dat is eenzijdig waar, dat is maar de helft van de waarheid. Als er dan zulke dingen in de Bijbel staan dan hebben wij de neiging om dat weg te redeneren want het moet kloppen met het eerste stukje, het moet allemaal van Hem komen. Nee, hier komt het nu eens van ons, Hij verwacht de goede druiven en die komen niet en dan is Hij boos. Hij verwacht goede druiven van ons en als we die niet voortbrengen dan is Hij boos op ons. En Hij zegt; Als jullie zo door gaan, dan neem Ik de kandelaar weg. Dan zeggen wij; Maar wij kunnen dat toch niet van onszelf Here God? Ik merk dat ik innerlijk een beetje boos wordt over deze redenering, maar dat moet ik niet zijn, want ik weet dat een heleboel mensen deze redenering hun hele leven al gehoord hebben, dus ik moet niet boos zijn. Ik ben eigenlijk boos op de mensen die het hen altijd op de mouw gespeld hebben. Want het wordt bij voorbaat als een excuus gebruikt. Hij verwacht goede druiven van ons en als wij die niet voortbrengen is het onze schuld. Dan moet je niet zeggen; maar we kunnen het niet van onszelf. Want Hij geeft, als Hij het van ons verwacht, moet ik het dan weer zeggen, als Hij het van ons verwacht dan geeft Hij ons alle kwaliteiten die we daarvoor nodig hebben. Hij zegt; hier is de Heilige Geest, sluit je stekkertje daarop aan, op die krachtcentrale, die levert 40.000 Volt. Tegen de tijd dat het bij ons is, is het gelukkig 200 Volt anders konden we het niet eens hanteren. Er is gigantisch veel kracht beschikbaar, u kunt er vrijelijk gebruik van maken. Maar we doen het niet. En als Hij goede druiven verwacht e we leveren slechte druiven, zeggen we; Ja, maar we kunnen het ook niet van onszelf. Het slaat nergens op. Maar dat komt omdat er nooit gepreekt wordt over de Heilige Geest. Over de krachtcentrale. Het gaat altijd over ons menselijk onvermogen. We kunnen niet, we deugen niet, we weten niets, we willen niets en ik geloof dat dat tot oneer van de Heer is. Want Hij zegt; Ik geef het je allemaal, Ik stel het je allemaal ter beschikking, je kunt eruit leven, je kunt ervan gebruik maken, waarom doe je het niet? Waarom verschuil je jezelf er altijd achter dat je het niet van jezelf kan, dat is een waarheid als een koe, natuurlijk kun je het niet, maar dat is ook helemaal niet aan de orde als er zo'n krachtcentrale ter beschikking staat. Door de kracht van de Heilige Geest hoef je niet te zondigen. Dat is vloeken in de kerk in sommige kringen. Als je dicht genoeg bij de Here Jezus zou zijn dan zou je niet zondigen. Als ik dicht genoeg bij de Here Jezus zou zijn, zou ik niet zondigen. Maar ik ben niet dicht genoeg bij Hem en dat is niet Zijn schuld, dat is mijn schuld. Want bij Hem is alle kracht, bij Hem is alle vermogen, bij Hem is alles ter beschikking gesteld, Hij plant een wijngaard en Hij voorziet die wijngaard van alles wat die nodig heeft. We waren pas in Zuid-Duitsland en we zagen daar al die wijngaarden en nu beginnen de eerste blaadjes uit te lopen en je realiseert je een heel jaar lang heeft de wijngaardenier daar zoveel werk aan. Stel je nu eens voor, tegen de tijd van oktober zeggen sommige van die stokken; Ja, sorry, maar wij kunnen dat niet van onszelf, dus we hebben geen druiven dit jaar, en het is waar, de wijngaardenier heeft daar veel werk aan, ongelooflijk, dat begint nu tot me door te dringen, je denkt, die mensen hebben het eigenlijk nogal voor elkaar, die wijnstokken doen het wel zelf en in oktober pluk je de vruchten. Oh nee, er moet gesnoeid worden, er moet gewied worden, er moet begoten worden, er moet opgebonden worden, daar moet gespoten worden, ik weet niet wat allemaal, ze zijn er een heel jaar mee bezig om in oktober de oogst te hebben. Zo is God de hele tijd met ons bezig. Hij geeft het ons allemaal. Je kunt nooit zeggen; we kunnen het niet van onszelf, ja, dat kun je wel zeggen maar dat slaat nergens op, omdat het een waarheid is als een koe, maar Hij alles geeft om vrucht voort te brengen. Het zou, als ik het zo met eerbied zeggen mag, het zou unfair zijn van God als Hij goede druiven verwacht en niet alle kracht en mogelijkheden ter beschikking stelt waardoor die goede druiven er kunnen komen. Hij geeft ons Zijn Heilige Geest. En je neemt het aan en je zegt; Dank U, Here God, leer me uit de kracht van Uw Geest te leven. Dat boekje, "Hoe wordt ik vervuld met de Heilige Geest", luister u mag de waarheden die daar in staan ook uit andere boekjes lezen, als u maar vervuld wordt met de Heilige Geest. Het maakt me niet uit welk boekje, ik heb dat geschreven omdat een hoop mensen niet een ander boekje weten te vinden, nu dan kunnen ze het hieruit leren. Maar als je vervuld bent met de Heilige Geest zeg je zulke dingen nooit meer. We kunnen het niet van onszelf slaat nergens op namelijk, je hebt het allemaal wat je nodig hebt om het te doen. En als er dan geen goede druiven zijn, ligt het nooit aan Hem. Het ligt altijd aan jou. En het is, ik weet het, sommige mensen zeggen dit en misschien met de vraagsteller is dat ook zo, we zeggen het omdat we het altijd zo gehoord hebben en het maakt mensen lam. Het verlamt ze, het maakt ze kreupel en het houdt ze kreupel. Ze horen de hele dag, we kunnen het niet. Daarom is de Pinksterboodschap zo belangrijk. Het is de belangrijkste van alle feesten, zo, nu weet u het een keer, u hebt nog een hele week om erover na te denken. Kerstmis is alleen maar belangrijk omdat Goede Vrijdag erop volgde. Goede Vrijdag is alleen maar belangrijk omdat Pasen erop volgde. Pasen is alleen maar belangrijk omdat Pinksteren erop volgde want dat is de grote vrucht van al die voorgaande feesten. Daarom is de duivel ermee bezig om ervoor te zorgen dat er 80% van de Nederlanders nog weet waar Kerstmis over gaat, 60% weet nog waar Goede vrijdag over gaat, 40% weet nog waar Pasen over gaat en 20% weet nog waar Pinksteren over gaat. Natuurlijk, hij zorgt er wel voor dat we dat allemaal kwijt zijn. Pinksteren is de grote, grote vervulling van alle voorgaande feesten. Want daar gaat het uiteindelijk om. Het gaat er uiteindelijk om dat we allemaal vol worden van de Heilige Geest en dan gaan we vrucht voortbrengen. Gaan we de vijgen brengen en de olijven en de granaatappelen en de druiven dan, ja, de druiven. En dan zeg je nooit meer; we kunnen het niet van onszelf want dat is zo waar als ik weet niet wat maar het is niet meer aan de orde want Hij stelt alle kracht ervoor ter beschikking.

Doe er maar mee wat je denkt dat goed is.

Naar aanleiding van uw antwoord de vorige keer over het gebruik van het voorstellingsvermogen/de verbeelding, waar is de Bijbelse onderbouwing ervan? Kun je Jezus bijvoorbeeld voorstellen als naast je lopend, of zittend? Terwijl Hij naar zijn menselijk lichaam in de hemel is? Stel je jezelf dan wel de waarheid voor? Of kun je je hart voorstellen als een tuin waarin je Jezus niet uitnodigt? Is dat geen christelijk geleide meditatie?

Ik moet een beetje grinniken omdat ik weet van kringen waar ze dit soort dingen vertellen, dat visualiseren zoals ze dat dan wel eens noemen, dingen visualiseren, dat wordt daar gewoon als occult beschouwd. Ik moet nu niet tegen iedereen tekeer gaan natuurlijk, daarnet hadden we het over rechts-reformatorisch en nu weer dat charismatische, visualiseren dat is occult dat is van de duivel, mensen, het is zo'n dwaasheid. Visualiseren is een doodnormale eigenschap. Als je ooit mocht overwegen om met juffrouw X te trouwen dan ga je je toch proberen in te denken hoe dat zal zijn? Hoe je met haar de lange winteravonden zult doorbrengen? Wat het zal zijn als jullie samen kinderen hebben en hoe het opvoeden zal gaan. Zonder visualiseren kunnen we helemaal niet leven. Zonder ons dingen voor te stellen, dat is het vermogen dat God ons gegeven heeft, het vermogen om je dingen voor te stellen, om je dingen in te beelden hoe ze zouden kunnen zijn. Het is zo gewoon dat als mensen bidden tot God en ze doen dat heel intens dat ze als het ware in de geest voorstellen hoe ze in de troonzaal van God binnengaan. Maar ook hoe ze in de intieme vertrekken van de Goddelijke familie met de Vader en de Zoon omgang hebben in de kracht van de Heilige Geest. Een menselijke eigenschap. Het punt is, en dat is een fout die veel mensen maken en dat is dan vooral in charismatische kringen, het punt is dat als twee verschillende groepen hetzelfde doen, wil het nog niet zeggen dat het hetzelfde is. Simpel voorbeeld, in allerlei valse godsdiensten komt tongentaal voor. Er zijn een hoop mensen die zeggen het komt ook in het christendom en de heidenen doen het ook, ja, de heidenen bidden ook tot God is het dan verkeerd dat wij bidden tot God? Visualisatie komt voor bij sommige occulte groepen, dus is het verkeerd als wij het doen? Dat is een hele zonderlinge logica. Als twee mensen hetzelfde doen, als twee groeperingen, twee stromingen hetzelfde doen is het daarom nog niet hetzelfde. Of als zij het doen, is het nog niet verkeerd als wij het doen. Als het gaat om er Bijbelteksten bij te noemen, ik kan duizenden dingen noemen die christenen doen waar ik ook geen Bijbelteksten bij kan noemen. Er bestaat geen enkele tekst om kerkgebouwen te bouwen, geen enkele tekst om zondagsschool te houden, er is geen enkele Bijbeltekst om catechisatie te houden en zo kun je nog wel even doorgaan. Het feit dat iets niet in een bepaalde Bijbeltekst is terug te vinden wil niet zeggen dat het daarom niet in de geest van de Schrift zou kunnen zijn. Visualiseren is iets dat behoort tot menselijke eigenschappen. God heeft onze geest zo gemaakt, en daar zitten allerlei facetten aan, dat wij kunnen kennen, dat wij kunnen weten, dat we ons kunnen verbeelden, dat we ons dingen kunnen inbeelden, dat we dingen kunnen uitdenken, dat heeft ook daarmee te maken, het uitdenken van dingen, de creatieve eigenschappen van de menselijke geest heeft ermee te maken het feit dat we ons dingen kunnen voorstellen en zo kunnen we ons ook proberen voor te stellen als je bidt tot goddelijke personen dat je bij ze bent. Of dat zij bij jou zijn. Als Paulus, als je nu toch een Bijbeltekst wil, als Paulus in Handelingen bidt dan krijgt hij soms een rechtstreeks antwoord en dan staat er; In de nacht stond de Heer bij hem. En dan zeg je in jouw vraag, dat kan toch niet, de Heer is toch in de hemel? Toch staat het er zo. Ik heb er toch een Bijbeltekst bij gevonden. Er staat in Handelingen; De Here Jezus stond bij hem. Geen probleem. Wat was dat? Was dat dat de Here Jezus op dat moment letterlijk uit de hemel was neergedaald? Nee. Dat mag iemand vinden, maar ik denk eenvoudig dat hij een droom had of een visioen had. In een visioen verschijnt de Here Jezus op dat moment aan hem als bij hem zijnde hier op aarde. Er is dus niks mis mee om je de Here Jezus voor te stellen als vlakbij je. De Here Jezus zegt, Ik zal bij jullie zijn tot aan de voleinding der wereld. Hij is bij ons terwijl Hij tegelijkertijd lichamelijk zit aan de rechterhand van God. Dus, in de eerste plaats, die associatie bij dingen die gebeuren bij allerlei valse stromingen, dat is een verkeerd principe, en ten tweede, er is niet voor alles een Bijbeltekst. Sommige dingen hebben te maken met onze menselijke natuur en we proberen een beetje te begrijpen hoe onze menselijke natuur in elkaar zit en als we dat eenmaal gedaan hebben dan begrijpen we ook hoe in visioenen in het Oude Testament, Nieuwe Testament de Here Jezus bij je kan staan, Hij stond bij hen in de gevangenis, Hij was bij hen op het schip waar Hij op voer, want Hij is altijd bij ons. Hij is alomtegenwoordig. Hij is bij God in de hemel en Hij zit aan Gods rechterhand en Hij is tegelijkertijd bij ons. Hij houdt onze hand vast en als ik zeg; Hij houdt mijn hand vast, dan mag ik me dat ook voorstellen in de geest hoe Hij naast me loopt en mijn hand vasthoudt. Natuurlijk bestaat er altijd het gevaar dat je erin doorschiet, als A fout is en je weet dat en je gaat er desondanks in mee, dan is dat fout. Dan zit er een gevaarlijke houding achter. Maar dan helpt het niet als je zegt; als je in het andere uiterste schiet, dat is ook gevaarlijk. Alleen dat helpt niet om het eerste punt duidelijk te maken, je kunt daarmee mijn eerste punt om zeep helpen. Dat wilt u niet, maar dat zou kunnen. Dat andere natuurlijk, maar wie haalt het nu in zijn hoofd om te wedijveren wie nu het meest de Heer behaagt. Dat is op zichzelf al een vleselijke houding. Je kunt zelfs dus, dat is het probleem met vroomheid, vroomheid is een, daarom heeft het ook een slechte naam gekregen dat woord, de farizeeën waren ook vroom. Er waren echte vrome farizeeën zoals Nicodemus en misschien ook wel Gamaliël en zeker Saulus van Tarsis en er waren huichelachtige vromen, maar uitwendig zagen ze er misschien hetzelfde uit. Alles wat God gegeven heeft kunnen wij bederven. Als het gaat om het behagen van God, het kan iets zijn dat mij arrogant laat worden. Vooral als ik het idee krijg dat ik bijzonder daarin uitblink om de Here te behagen maar dat is op zichzelf al een vleselijke arrogante houding. Er is er maar Een die kan vaststellen of je de Here behaagt en dat is de Here Zelf. En wat ik daar van mezelf over inbeeld dat is niet zo aan de orde. Dus in die zin, ik gaf dat daarstraks ook indirect al aan, kun je je behoorlijk vergissen als je naar een dorp als Waddinxveen kijkt en je kijkt naar alle gemeenten die hier zijn, als wij met elkaar zouden willen vaststellen aan welke gemeente de Heer de meeste vreugde zal beleven. Ik ben blij dat wij dat niet uit hoeven te maken, want ik denk dat we ons daar hogelijk in zouden vergissen. Maar dat was ook het punt niet, het punt was dat we dat ons allemaal voor onszelf moeten afvragen niet of Hij aan ons het meest plezier beleeft maar of Hij aan ons überhaupt plezier beleeft. Of wij een gemeenschap zijn waar Hij vreugde kan vinden, laat ik het in iets verhevener taal zeggen, waar Hij Zijn vreugde kan vinden, waar Hij Zijn welbehagen in kan scheppen. En niet de vergelijkende wijs want dan krijg je weer van "wij zijn beter dan de anderen, wij doen het beter dan de ander".

Verder zijn er geen vragen meer, laten we de avond afsluiten met gebed.

Here God, het zijn ernstige dingen waarover wij vanavond hebben nagedacht. De vraag of U vreugde aan ons beleeft. De vraag of U de goede druiven verwacht in dit dorp, in deze regio, in dit land, of U die ook krijgt. Of dat het slechte druiven zijn. En dan denken we niet aan de mensen die het Christendom de rug toegekeerd hebben maar dan denken we aan onszelf. Here God U hebt ons gemaakt en U hebt ons als nieuwe schepselen gemaakt opdat wij tot Uw eer, tot Uw verheerlijking zouden zijn. U hebt het van Uw Zoon gezegd; Deze is Mijn Geliefde Zoon in Wie Ik Mijn welbehagen heb. Maar wij zijn allen voor zover we U kennen, Zonen van God geworden. En voor ons geldt hetzelfde. We hebben exact dezelfde zalving met de Heilige Geest ontvangen. We hebben geen enkel excuus. U verwacht ook van ons dat we mensen zijn, zonen en dochters in wie U een welbehagen kunt hebben. Aan U ligt het niet. U hebt ons alles daarvoor gegeven. We zullen naar onszelf moeten kijken, persoonlijk en naar de gemeenschappen waar we deel van uitmaken. En we zullen ons de vraag moeten stellen die vanavond in zo'n ernstige wijze tot ons kwam. Of U die vreugde aan ons beleeft of dat het slechte druiven zijn. De slechte druiven van onze zelfingenomenheid. Van onze arrogantie, van onze luiheid en vadsigheid. Van onze vleselijke gezindheid, van onze onverschilligheid. Van ons traditionalisme. We slepen onszelf voort maar de vraag wat U van ons vindt die houdt ons al lang niet meer bezig. O, Here, vergeef het ons en bewaar ons daarvoor. Vul ons met Uw Geest opdat we mensen mogen zijn aan wie U vreugde kunt beleven. U bent er niet in de eerste plaats voor ons, U hebt ons gemaakt opdat wij er voor U zouden zijn. U hebt mensen geschapen opdat zij een vreugde voor Uw hart zouden zijn. En U hebt mensen herschapen op grond van het werk van de Here Jezus opdat zij een vreugde voor Uw hart zouden zijn. Help ons Here om erover na te denken, ons te spiegelen in Uw Woord, om ons die vraag te stellen en die in eerlijkheid te beantwoorden. Dank U voor het onderwijs van deze avond, dank U voor wat U ons laat zien uit Uw Woord. Help ons en zegen ons daarin. Leid en bewaar ons, ook als we van hier gaan, leid ons de komende maanden en als de Here Jezus nog niet gekomen is, Vader wilt U ons hier in september weer in gezondheid bij elkaar brengen met zo'n rijk en diep onderwerp. Wij danken U voor alles wat U geeft, voor alles wat U bent. Wij prijzen Uw Hoogheilige en heerlijke Naam in de Here Jezus Christus. Amen.

 

Podcast

Audio RSS Bijbellezingen Willem Ouweneel
Podcast Feed

Poll

Heeft u Bijbellezingen van Willem Ouweneel in Waddinveen bezocht?