Hart voor Waddinxveen


(2) Lezing gehouden op 19 oktober 2007 over "Doop en vervulling met de Heilige Geest" door Willem J. Ouweneel in de Ontmoetingskerk in Waddinxveen Afdrukken E-mailadres
zaterdag, 03 mei 2008 21:56
Ik zou graag met u de bijbel willen openen en enkele plaatsen willen lezen uit het Nieuwe Testament, om te beginnen uit Matteüs 3. Ik lees uit de NBG-vertaling: ik ben van een vroegere generatie. En sommigen zijn van een nóg vroegere generatie, die mogen in hun eigen vertaling meelezen. Het blijven maar vertalingen mensen. Matteüs 3 . Daar zegt Johannes de Doper in vers 11: Ik doop u met water tot bekering, maar Hij, die na mij komt, is sterker dan ik; ik ben niet waardig Hem zijn schoenen na te dragen; die zal u dopen met de heilige Geest en met vuur. Uit Johannes 7:38 en 39. Die zijn de vorige keer ook al ter sprake gekomen, deze verzen. Het zijn belangrijke verzen. Het is hier het loofhuttenfeest. De laatste, de grote dag van het feest, daar stond Jezus – in vers 37 is dat in Johannes 7 – daar stond Jezus en riep, zeggende: indien iemand dorst heeft, hij kome tot Mij en drinke! Wie in Mij gelooft, gelijk de Schrift zegt, stromen van levend water zullen uit zijn binnenste vloeien. Dit zeide Hij van de Geest, welke zij, die tot geloof in Hem kwamen, ontvangen zouden; want de Geest was er nog niet, omdat Jezus nog niet verheerlijkt was. Dan lezen we nog een keer uit 1 Kor 12, die stonden ook op mijn lijstje en voor de opname lees ik ze nog eens voor. 1 Kor 12:13 Eerlijk gezegd vond ik dat de NBV het mooier had dan hier staat, maar we lezen het maar zoals het hier staat: want door één Geest zijn wij allen tot één lichaam gedoopt, hetzij Joden, hetzij Grieken, hetzij slaven, hetzij vrijen, en allen zijn wij met één Geest gedrenkt. En tenslotte uit de brief aan de Efeziërs. Ook dat kwam al eerder ter sprake. Efeze 5:18. En bedrinkt u niet aan wijn, waarin bandeloosheid is, maar wordt vervuld met de Geest, en spreekt onder elkander in psalmen, lofzangen en geestelijke liederen, en zingt en jubelt de Here van harte, dankt te allen tijde in de naam van onze Here Jezus Christus God, de Vader, voor alles. Tot zover de lezing uit het Woord van God. We hebben het vanavond, lieve mensen, over twee onderwerpen die nauw met elkaar samenhangen en ook duidelijk van elkaar verschillen: de doop en de vervulling met de Heilige Geest. Ik zal u in een paar woorden direct het verschil aangeven en dan zullen we dat vervolgens nader uitwerken. De doop in de Geest ontvang je maar één keer in je leven, het is dus een bijzondere uitdrukking voor het ontvangen van de Heilige Geest. Het slaat op dezelfde gebeurtenis als de verzegeling met de Geest in Efeze 1, zalving met de Geest in 2Kor 1. Het is hetzelfde als dat de Geest in ons komt inwonen. Het zijn allemaal verschillende beeldspraken, maar ze hebben allemaal betrekking op dezelfde gebeurtenis. Je ontvangt de Heilige Geest maar één keer in je leven. Tegelijk moet je zeggen dat de vervulling met de Heilige Geest iets is dat je vele malen in je leven kunt ontvangen. Wij zijn niet altijd zo vol van de Heilige Geest. Soms is dat onze eigen schuld, soms is dat ook gewoon omdat we met heel alledaagse zaken bezig zijn, waarmee we ook bezig moeten zijn. Maar er zijn van die belangrijke momenten, waar we het zo nog over zullen hebben, waarop we vervuld mogen en moeten zijn van de Heilige Geest. De doop is eenmalig, de vervulling is vele malen. En als je de eerste keer de Heilige Geest ontvangt, dat is de doop met de Geest, dan ervaar je tegelijkertijd – niet altijd, maar heel vaak wel – ook als een vervulling. In Handelingen 2, toen de Heilige Geest werd uitgestort, was dat de vervulling van de belofte die de Here Jezus gaf in Handelingen 1. "Jullie zullen gedoopt worden met de Heilige Geest," zegt Hij daar. En als dat dan gebeurt in Handelingen 2, dan staat er: zij werden vervuld met de Heilige Geest. Dat was één en hetzelfde op dat moment. Maar je leest daarna nooit meer dat de apostelen opnieuw gedoopt zijn in de Geest, maar je leest meermalen dat ze vervuld werden van de Heilige Geest. In Handelingen 4, als Petrus voor het Sanhedrin staat, dan staat er dat hij vervuld werd van de Heilige Geest, ik meen in vers 8. En in vers 30 en 31, als de gemeente bij elkaar is om te bidden voor de apostelen die vervolgd worden, dan staat er dat zij allen vervuld werden met de Heilige Geest. De plaats waar zij waren werd bewogen. Je leest het in Handelingen 13 als Paulus geconfronteerd werd met een valse joodse profeet: Elimas of Bar-Jezus. En hij moet deze man weerstaan en dan staat er dat hij ook vervuld was met de Heilige Geest. En Paulus in Efeze 5 zegt niet: "ontvangt de Heilige Geest", want de gelovigen aan wie hij schreef, hadden de Geest ontvangen. In hoofdstuk 1:13 staat: toen ze tot geloof kwamen, heeft God op dat geloof Zijn zegel gezet. Ze waren verzegeld met de Heilige Geest. Dus ze hadden de Heilige Geest ontvangen. En toch kan hij aan hen de opdracht geven, en dat doet hij in hoofdstuk 5:18 hebben we dat gelezen, om vervuld te worden met de Heilige Geest. Je kunt dus de Heilige Geest ontvangen hebben zonder dat je vol bent van de Geest. We hebben het daar de vorige maal natuurlijk ook al over gehad, want die onderwerpen overlappen elkaar altijd, in die zin dat we gezien hebben: de Heilige Geest is niet alleen een persoon, maar het is ook een kracht. Als persoon woont de Heilige Geest in je, en Hij woont in je of niet in je, daar is geen verschil in kwantiteit, dat kun je bij een persoon niet zeggen. Daarom is het zo belangrijk om te zien dat de Heilige Geest ook een kracht is. Toen heb ik er de nadruk op gelegd dat je daar veel van kan hebben en dat je daar weinig van kan hebben en dat komt nu weer aan de orde. Veel ervan hebben betekent: vervuld zijn met de Heilige Geest.

Nu is die doop met de Geest iets waar we het eerst over moeten hebben. Als u goed hebt geluisterd hoorde u dat ik af en toe zei de doop met de Geest en dan weer de doop in de Geest. Eigenlijk is die uitdrukking 'doop met de Geest' niet goed. Dat komt een beetje doordat wij gewend zijn geraakt om te zeggen: je wordt gedoopt met water. Maar dopen, zowel in het Grieks als in het Nederlands, betekent letterlijk onderdompelen. Je dompelt iemand niet onder met water, dat is een zinloze uitspraak. Je dompelt iemand onder in water. En het is natuurlijk niet voor niets dat die doop met de Heilige Geest – of, nou zeg ik het zelf ook weer fout – die doop in de Geest ook een doop wordt genoemd. Als iemand wordt ondergedompeld, dan is dat een letterlijke handeling, als iemand gedoopt wordt in de Geest is dat een figuurlijke handeling. Die twee hangen nauw met elkaar samen, maar ik ga niet uitweiden over de waterdoop en ik wil daar vanavond ook persé geen discussie over hebben. U mag daar dus geen vragen over stellen. Dat zeg ik niet vaak, maar dat zeg ik dan vanavond. Want ik ben niet gekomen om hier vanavond een discussie over de waterdoop te beginnen. Maar ik noem het vanwege de parallel. In de waterdoop wordt ons lichaam gedompeld in water, bij de geestesdoop wordt onze geest gedoopt in de Heilige Geest. Het resultaat is als het ware dat onze Geest doordrenkt is van de Heilige Geest. Dat is heel belangrijk, want dat betekent dat alles wat in onze geest omgaat: onze gedachten, onze wilsbeslissingen, onze overleggingen, onze verbeeldingskracht, wat het ook mag zijn. Alles wat in de geest omgaat, daarvan maakt Galaten 5 duidelijk dat dat of onder het beslag staat van het zondige vlees of onder het beslag van de Heilige Geest. Bij ons is het vaak een vermenging: een beetje van dit en een beetje van dat, maar eigenlijk stelt Paulus het daar heel zwart-wit tegenover elkaar. Je wordt of geleid door het vlees, dat is door de zonde, je gedachte, je geest wordt beheerst door de zonde of hij wordt beheerst door de Heilige Geest. Daarom is het zo belangrijk om die beeldspraak te begrijpen. Verzegeling is een mooie beeldspraak, zalving is een mooie beeldspraak. Allemaal betekenen ze weer wat anders. Over zalving hebben we het de vorige keer gehad. Maar de doop in de Geest is deze belangrijke handeling: dat vanaf dat moment dat de Heilige Geest onze geest is binnengekomen, onze geest is ondergedompeld in de Heilige Geest als het goed is onze gedachten en onze beslissingen beheerst worden door die wonderbare kracht van de Heilige Geest. In Mattheüs 3 hebben we gelezen dat Johannes de Doper het zo zegt: met de Heilige Geest en met vuur. Eigenlijk is dat één geheel. Dat is volgens de meeste uitleggers het geval en ik geloof dat dat juist is. Het zijn niet twee verschillende dopen. Je zou kunnen zeggen: het is een doop met het vuur van de Heilige Geest. We hebben de vorige keer al nagedacht over dat beeld van het vuur. Het vuur is een kracht die ons loutert. We komen daar straks op terug: wat de Heilige Geest in onze levens doet als de geest gedompeld is in die Heilige Geest, is dat Hij ons niet alleen aanzet om de dingen van God te bedenken, maar ook dat andere dingen die in ons denken niet thuishoren, door het louterende vuur van de Geest verteerd worden. Ik heb het niet gelezen maar in Mattheüs 3:11 daar volgt onmiddellijk dat vers over dat vuur als dat wat loutert, dat onder het oordeel brengt. Het is niet alleen maar dat de Heilige Geest ons vurig maakt, dat ook. De NBV zegt in Romeinen 12: wordt vurig door de Geest. Maar het is ook dat dat vuur loutert en ons, onze gedachten vormt naar Christus toe. Die doop met de Heilige Geest is vaak iets waar weinig over gesproken wordt, terwijl in alle evangeliën Johannes de Doper erover spreekt en ook de Here Jezus dat spreekt. Niet altijd met dat woord 'doop', maar wel in de eerste drie evangeliën. De Here Jezus heeft dat aangekondigd, ook nog eens in Handelingen 1. Johannes de Doper heeft jullie gedoopt met water, in water, Ik ga jullie dopen in de Heilige Geest niet vele dagen na deze. Nou, we weten, het is tien dagen geweest nadat de Here Jezus ten hemel is gevaren. Daar op die pinksterdag, moet u zich voorstellen, daar waren 120 mensen bij elkaar in de opperzaal. Dat waren de volgelingen van de Here Jezus, Zijn twaalf discipelen, Judas was vervangen door Matthias, maar ook Zijn moeder was daar, verschillende andere vrouwen, een heel gemengd gezelschap. Lang niet allemaal kennen we hen. Er waren meer discipelen dan we zouden denken en veel minder dan we misschien hadden gehoopt: 120. En dan komt de Heilige Geest en dan gebeurt er eigenlijk wat er staat in 1 Kor 12:13. Stuk voor stuk worden ze daar gedoopt in de Heilige Geest. Maar het resultaat daarvan is dat ze ook samen één lichaam worden. Voor Handelingen 2, dat is misschien een nieuwe gedachte voor sommigen van u, was er niet zoiets als het lichaam van Christus. De Here Jezus kondigt zijn gemeente aan. Hij zegt in Mattheüs 16: op deze steenrots zal Ik Mijn gemeente bouwen. De Heilige Geest moest komen, die was nog niet gekomen hebben we gelezen in Johannes 7, de Geest was er nog niet omdat Jezus nog niet verheerlijkt was. Die Geest moest komen om alle gelovigen, elk afzonderlijk te dopen in de Heilige Geest en daardoor werden ze samen één lichaam. Op dat moment waren dat mannen en vrouwen, maar verder waren het joodse mensen, er was veel dat hen samenbond. Maar op diezelfde dag was die gemeente al uitgegroeid tot 3120. En in Handelingen 10 gebeurt er iets buitengewoon spannends en in Handelingen 8 als de Samaritanen erbij komen, maar goed dat waren toch nog halve joden, maar in Handelingen 10 gebeurt er iets waarvoor de Here God nogal moeite voor moet doen om Petrus te overreden: het huis van een heiden binnen te gaan. En dan zien we dat als hij het evangelie predikt van de Here Jezus Christus, op het moment dat hij zegt dat zij alleen gerechtvaardigd konden worden door het geloof in Christus, dan nemen die mensen die daar zitten dat aan in hun hart. Ze komen tot geloof en onmiddellijk valt de Heilige Geest op hen. Dat was zo iets bijzonders dat je dat ook onmiddellijk aan ze kon zien. Wij zijn er in onze cultuur nogal op gericht dat het allemaal aan de binnenkant gebeurt. Wij kijken een beetje argwanend naar de mensen die hun geloof ook aan de buitenkant beleven. Door de manier waarop ze zich bewegen, dat is nou wel een beetje aan het veranderen gelukkig. Maar we hebben te lang gedacht dat het geloof alleen maar aan de binnenkant zit, dat dat zich niet uit. Maar bij Simon de Tovenaar in Handelingen 8 zie je dat al bij de Samaritanen. Die waren tot geloof gekomen, ze hadden de waterdoop ontvangen en dan moeten daar die apostelen komen om de eenheid met de kerk in Jeruzalem te bewaren. En de apostelen, Petrus en Johannes komen en leggen die mensen de handen op en ze ontvangen de Heilige Geest. Er staat helemaal niet bij wat er dan gebeurt. Maar wat er gebeurde was zo spectaculair dat Simon de Tovenaar zegt: "O, dat wil ik ook kunnen. Wat kost dat om dat ook te mogen doen?" Toen ze tot geloof kwamen zei hij dat hè. Toen ze gedoopt werden zei hij dat niet, maar toen ze de Heilige Geest ontvingen had dat een zichtbare uitwerking in hun leven. En zo kon je in Handelingen 10 zien, onmiddellijk, dat er wat met die mensen gebeurde. Ik krijg vaak vragen van mensen en misschien leeft dat ook wel in de harten van sommigen van u, de vraag: hoe kan ik nou eigenlijk weten of ik de Heilige Geest ontvangen heb? Nou in Handelingen 8 en in Handelingen 10 was daar geen enkele twijfel over. De mensen wisten het zelf, maar dat niet alleen, de mensen om hen heen die wisten het ook meteen. En die waren daar zeer van onder de indruk. De Heilige Geest daalde neer op Cornelius en de zijnen. En dan, dan zegt Petrus als hij daar later verslag van doet in Handelingen 11: met die mensen is hetzelfde gebeurd als met ons. Dit is een nieuwe vervulling van de belofte van de Here Jezus: de doop met de Heilige Geest, een nieuwe geestesdoop. En nu weten, ook door wat we gelezen hebben in 1 Kor 12:13, want daar zegt Paulus niet: toen en toen op de pinksterdag of toen en toen in het huis van Cornelius, maar hij zegt tegen die Korinthiërs: wij allen zijn in één Geest gedoopt. Op het moment dat je tot geloof gekomen bent, ben je in die ene Geest gedoopt en dus ben je een lid van het lichaam van Christus. Je kunt dat dus ook omdraaien: als u mag weten door genade een lid van het lichaam van Christus te zijn, dan mag u daaruit concluderen dat u gedoopt bent, dat uw geest gedoopt is in de Heilige Geest. We zouden heel lang kunnen praten over al die voorbeelden in het boek Handelingen: de 120 en dan de 3000 en de Samaritanen hadden we het over, Saulus van Tarsus kun je nog noemen. Als hij het licht in zijn ogen heeft teruggekregen krijgt hij van Ananias de opdracht de waterdoop te ondergaan en dan zou hij ook vervuld worden met de Heilige Geest. Bij Cornelius hebben we het gezien en we hebben tenslotte nog de geschiedenis van de discipelen in Efeze in Handelingen 19:1-7. Wie de kennis van het evangelie niet verder ging dan dat Johannes de Doper had gepredikt. En dan legt Paulus zijn handen op en dan ontvangen ook zij de Heilige Geest. Zes voorbeelden in het boek Handelingen. En ik vind het wel mooi, als je het zo bekijkt dat al die voorbeelden weer een beetje anders gaan. De ene keer met handoplegging, de andere keer zonder handoplegging. De ene keer met tongentaal, de andere keer zonder tongentaal. En dat heeft de Heilge Geest expres gedaan want Hij wist dat wij mensen heel makkelijk geneigd zijn om te zeggen: "Kijk zoals het daar toen gebeurde zo moet het vandaag ook gaan". Dat vind je in alle kerken en kringen dat is iets menselijks. We willen het ons graag gemakkelijk maken en dus zeggen we: Eens even kijken of we een voorbeeld in de bijbel hebben; aha! Kijk daar ging het zo, dus zo moet het gebeuren!" Nee ... het ging elke keer anders. God is daarin soeverein. Hij doet het op Zijn manier maar het resultaat is hetzelfde. Je geest wordt ondergedompeld in de heilige geest. Je wordt een lid van het lichaam van Christus. En weet u wat ook hetzelfde is dat de werkzaamheid van de Geest zichtbaar wordt in je leven. Daar kom ik zo op terug. Maar ik wil eerst nog even wat verder ingaan op die vraag: wanneer ontvang je nou precies de Heilige Geest. Daar zijn nogal wat verschillende meningen over. Sommige spreken over een 'second blessing'. Dat wil zeggen, je komt tot geloof, je bent wedergeboren en dat is geweldig. Je mag weten dat je nu naar de hemel zult gaan als je zult sterven of als de Here Jezus komt. Maar.. je hebt nog niet die doop met de Heilige Geest ontvangen. Dat zijn mensen die nemen een geschiedenis eruit: Handelingen 8 bij voorkeur, want daar vind je mensen die wedergeboren zijn. Ze hebben de waterdoop ontvangen maar ze hebben nog niet de Heilige Geest ontvangen. Zie je wel zo gebeurt het dus blijkbaar. Ja maar dat is maar één van die zes voorbeelden. Bij Cornelius ging het heel anders, en ik moet eerlijk zeggen, ik voel me meer bij die heiden Cornelius thuis dan bij die Samaritanen. Bij Cornelius zie je het evangelie wordt verkondigt en ze nemen dat evangelie aan en onmiddellijk valt de Heilige Geest op hen, zonder handoplegging. Als ik de schrift goed lees dan zie ik; een mens ontvangt de Heilige Geest op het moment dat hij de volle verzekerdheid van het geloof ontvangt. Ik noem een paar voorbeelden. Romeinen 8:9 "Als iemand de Geest van Christus niet heeft dan behoort hij Hem niet toe". Ik draai dat om: als je Christus waarachtig door het geloof mag toebehoren dan heb je de Geest van Christus ontvangen. Op het moment dat je tot geloof komt zegt Efeze 1:13 wordt dat geloof bezegeld met de Heilige Geest der belofte. Daar zit niet een hele tijd tussen, als je tot geloof komt dan heb je de Heilige Geest. Cornelius, zei ik al, is voor ons het model. Dat is in ieder geval waar we ons het meest bij thuis kunnen voelen want daar zie je het. Op het moment dat ze tot geloof komen ontvangen ze de Heilige Geest. Er kan wel degelijk een tijd tussen zitten. Maar dat is eigenlijk in een onnatuurlijke situatie. Dat is wanneer mensen oprecht hun zonden voor God belijden en ook weten dat er maar één weg der zaligheid is, door het werk en door de persoon van Heer Jezus Christus. Dat geloven ze, maar ze durven het zich niet toe te eigenen. Die mensen zijn een beetje gelovig en ze zijn een beetje ongelovig. Ze zijn een beetje gelovig doordat ze weten van die ene naam die onder de hemel gegeven is waardoor wij behouden worden. Dat is prachtig. Maar als je aan ze vraagt: "Heb jij zelf ook daar deel aan?" dan zeggen ze: "Dat weet ik niet." Dan aarzelen ze, ze aarzelen om de belofte van Gods woord op zichzelf te betrekken. God zegt; als we onze zonden belijden Hij is getrouw en rechtvaardig om onze zonden te vergeven en ons te reinigen van alle ongerechtigheid. Dat geloven ze, en ze hebben hun zonden beleden. Maar als je dan vraagt "wat staat hier? Geloof je wat er staat?" "Ja". "Geloof je dus dat God jou zonden je vergeven heeft?" Dan zeggen ze: "dat weet ik niet". Nou hoe dat nou komt waarom ze dat zeggen, dat laten we nou maar in het midden. Maar het zijn ook de mensen die heel vaak in die eigenaardige situatie verkeren waar Paulus over predikt in Romeinen 7. In Romeinen 7 de tweede helft schildert hij een mens die wedergeboren is. Daar kan geen twijfel over bestaan. Want het is iemand die zegt: Dan ben ik het niet meer die het doet, maar de zonden die in mij woont. Hij heeft leren onderscheiden tussen het ik en de zonde. Bovendien zie je in dat zelfde gedeelte, dat hij in zijn leden die wet van de zonden ziet, maar ook dat hij in zich bespeurt dat verlangen om Gods wet te doen. En toch is hij niet gelukkig. Hij zegt zelfs: "Ik ellendig mens". En wat is het grote punt, in dat hele gedeelte wordt geen ogenblik gesproken over de Heilige Geest. En dan begint Romeinen hoofdstuk 8: "Zo is er dan geen veroordeling meer voor hen die in Christus Jezus zijn, want de Geest des levens heeft hen vrijgemaakt van de wet van de zonde en van de dood". Die mensen zijn wederom geboren maar ze zijn niet vrijgemaakt. Vrijgezet door de kracht van de Heilige Geest. Dat wil zeggen; als deze mensen komen te overlijden dan gaan ze naar de hemel. Als je dat aan ze zou vragen, zouden ze dat zelf misschien wel bestrijden. Ze zouden dat niet accepteren. Ik geloof eerlijk gezegd dat er heel wat mensen met een ingebeelde hel naar de hemel zullen gaan. Ja u hoort het goed wat ik zeg. En waarom denk ik dat? Omdat zij oprecht hun zonden voor God beleden hebben. En omdat zij weten, er is maar één weg der zaligheid. Maar die mensen zijn al op aarde, als ze in die toestand zouden sterven, nooit zover gekomen. Dat God op dat geloof het stempel van de Heilige Geest kan zetten. Dat is heel droevig. Want er is geen echte geloofsovergave. Dat kan door de prediking komen, dat kan door remmingen in henzelf zijn, dat maakt niet uit waar het van komt. Maar het is zo, het is een gegeven. En daarom ontdekken ze ook zo weinig van de kracht van de Heilige Geest. Vandaar ook deze droevige toestand van Romeinen 7, want wat daar ontbreekt. Wat daar is is het verlangen God te dienen. Wat daar ontbreekt is de kracht om God te dienen. En als ze heel veel van dat soort mensen om zich heen tegenkomen, gaan ze op den duur ook geloven dat dat blijkbaar de normale toestand is. Want de mensen om hen heen, die zijn allemaal zo. Maar het is niet de normale toestand. Romeinen 8 is de normale toestand. "Want ik weet dat niets mij kan scheiden van de liefde Gods welke is in Jezus Christus onze Heer". In Hem zijn wij meer dan overwinnaars. Als je die mensen in Romeinen 7 beluisterd dan krijg je de indruk dat ze als het ware voortgaan van de ene nederlaag naar de andere. Als je de mens in Romeinen 8 beluistert gaat die voort van de ene overwinning naar de ander. Als dat niet uw ervaring is, bedenk dan dat de schrift zich niet laat afmeten aan uw ervaringen. Maar u moet uw ervaringen afmeten aan de schrift. Niet uw ervaringen of mijn ervaringen zijn maatgevend, maar Gods woord. Het hele verschil tussen Romeinen 7 en Romeinen 8 is de Heilige Geest. Daarom is dit zo'n belangrijk onderwerp. Dus in die situatie als mensen, wat eigenlijk heel abnormaal is, zolang blijven hangen in dat gevoel van Romeinen 7. Komt de kracht van Gods Geest in hun leven maar weinig openbaar. Luister: ik zeg niet dat iemand in Romeinen 8 zondeloos is geworden, daar heb ik het niet over. Als het gaat om de zondige natuur die in hem is, blijft hij altijd een ellendig mens. Waar het om gaat is, dat er een kracht is, een nieuwe kracht die zich in ons leven gaat manifesteren. Die oneindig veel sterker is dan de zonde die in ons woont. En daarom is het ook zo levensgevaarlijk als we zo weinig spreken over die kracht. En als die kracht zo weinig gekend wordt. Want dan vallen we terug op dat nieuwe verlangen in ons hart om de Here te dienen, maar het is zonder kracht. En dan gaan we nog denken dat het zo hoort ook. En daarom is er een verlangen bij velen om tot die volle vrijmaking te komen waar Romeinen 8:1 over spreekt. En de kracht van de Heilige Geest in hun leven te gaan openbaren. En ik kan u vertellen dat gaat niet over een bepaalde kerk of kerken. Dat geldt voor alle mogelijke kerken en gemeenten. En je merkt het overal, Gods Geest is daar mee bezig. Een hunkering te wekken, een hunkering niet alleen naar het nieuwe verlangen dat hebben veel mensen wel. Maar naar die kracht van de Heilige Geest. En daarom komen we nu tot de vervulling. Er is een prachtig vers, dat had ik ook aan het begin kunnen lezen. Lucas 11:13 Ik denk dat ik het de vorige keer ook genoemd heb, in elk geval, ik zou het elke keer wel willen noemen. Want daar hebben we een belofte van de Here Jezus Christus. In Lucas 11:13. Een gebed dat vele van ons zouden mogen leren bidden. Daar zegt de Here Jezus: "Indien dan gij hoewel gij slecht zijt, goede gaven weet te geven aan uw kinderen" Hoe slecht we ook zijn, dat weten we nog wel ... onze kinderen te geven wat ze nodig hebben. "Hoeveel te meer zal uw Vader uit de hemel de Heilige Geest geven aan hen die Hem daarom bidden. Als u zich koud en leeg voelt van u zelf, ook al bent u een kind van God, door genade, want zo spreek ik u nu verder aan. Ik ga het hebben over kinderen van God. Over hen die deelhebben aan de Heere Jezus Christus, door Zijn verzoeningswerk. Maar het is verder krachteloos en leeg en koud in uw leven, bidt dan straks met mij dat gebed van Luk.11:13. Bidt om de Heilige Geest. Dit is niet de inwoning van de Persoon van de Heilige Geest, die woont allang in u als u een kind van God bent. Maar dat de kracht van de Heilige Heest in ons leven zichtbaar mag worden. Dit is niet vrijblijvend. We hebben in Ef.5 gelezen: het is een bevel. Wordt vervuld met de Heilige Geest. Dit is niet een keuze voor u, of u daar toevallig zin in hebt, of dat u daarvoor bereidt bent. Dit is een opdracht van de Heere God. Een opdracht waarbij Hij onze zegen op het oog heeft. Hij wil graag dat we gezegend worden. Dat kan alleen als de kracht van de Heilige Geest zich in ons leven gaat openbaren. Het is niet genoeg dat ons nieuwe leven, het leven van de wedergeboorte, er naar verlangt God te dienen. Want je hebt aan dat verlangen niets, als de kracht daarvoor ontbreekt. En die kracht is de kracht van de Heilige Geest. En vooral op hele belangrijke momenten in ons leven, we zullen dat direct zien, mogen we bidden dat we vervuld worden met die kracht. Zoals de Heere Jezus dat beloofd heeft op die laatste dag van het Loofhuttenfeest: wie in Mij gelooft, gelijk de Schrift zegt, stromen van levend water, niet maar een druppeltje hier of daar, stromen van levend water zullen uit zijn binnenste vloeien. En dan staat er: dit zei Hij van de Heilige Geest die komen zou, want die was nog niet gekomen, want Jezus was nog niet verheerlijkt. Bij Zijn hemelvaart werd Hij verheerlijkt in de hemel en tien dagen later zendt Hij de Heilige Geest op aarde, op het Pinksterfeest. Toen ging Zijn belofte in vervulling. Vol worden met de Heilige Geest is een voorwaarde dat die Geest kan gaan uitstromen naar anderen. Stromen van levend water zullen uit uw binnenste vloeien. Dan moet je eerst zelf vol zijn. Dan ga je overlopen tot zegen van anderen. Nu ga ik met u twee grote vragen beantwoorden. Die ene vraag is: waarvoor hebt u die vervulling nodig? En de tweede vraag is: wat staat die vervulling bij u en bij mij zo dikwijls in de weg? Waarvoor hebt u die vervulling nodig? In de eerste plaats, laat ik dit zeggen, sommige mensen die beginnen meteen over tekenen en wonderen te bespreken, maar die komen bij mij pas op de zoveelste plaats. Het eerste is het verlangen om God te dienen en Christus groot te maken door je leven. Dat is niet alleen je verlangen, maar dat is ook de kracht van de Geest om aan dat verlangen, hoe zwak dat ook moge zijn, vorm te geven. Dat is het eerste. Waaraan herken je of iemand vol is van de Geest? Aan zijn toewijding en gehoorzaamheid en zijn liefde jegens Christus. Dit is het eerste. Denk er om, de kracht van de Heilige Geest is nooit een doel op zich. Het is slechts een middel. Het is het middel om God groot te maken in ons leven. Om Christus te dienen en Hem de ereplaats te geven die Hem toekomt. Hij zegt Zelf in Joh.16 Hij zal het uit het Mijne neme en het u verkondigen. De Geest komt in ons leven om Christus groot te maken. Dat vinden we op vele plaatsen in Gods Woord. Dit is het grote doel. De Heilige Geest is het middel. Het doel is Christus. En daarbij zeg ik u onmiddellijk, dat we moeten leren onderscheid te maken tussen de namaak en de realiteit. Want toewijding is uit liefde. En daartegenover staat de namaak en dat is het wetticisme. Het wetticisme leeft uit de kracht van zelf opgelegde of door anderen opgelegde regeltjes. Het is mij vaak opgevallen, en het maakt niet uit wat voor kring of kerk dat dan ook moge zijn, want het is een heel menselijke trek, hoe minder echte toewijding van binnen uit er is, hoe meer dat wordt gemaskeerd door uitwendige regels, die toch nog de suggestie moeten geven van echte toewijding. Maar wetticisme is het volstrekte tegendeel van echte toewijding. Wie zou een liefdesrelatie willen met zijn eigen partner, als die liefdesrelatie alleen was ingegeven door wetten en regels? Door het feit dat je elkaar moet liefhebben? Ieder wil bemind worden door vrijwillige liefde en niet door afgedwongen liefde. Zelfs bij God was het zo. Tegenover de echte toewijding staat het wetticisme. Wetticisme is de namaak waartoe christenen vervallen als de kracht van de Heilige Geest ontbreekt. Het is surrogaat. Het is na-aperij, waartoe mensen zich gedwongen voelen als het echte ontbreekt. En dat zie je overal. Je ziet dat bij een tweede punt. Dat zal het koor en het orkest aanspreken, dat is de aanbidding. Niet dat zij die aanbidding doen. Zij leiden ons daarin. Die aanbidding moet uit onze harten komen. Aanbidding is een buitengewoon belangrijk element. Eén van de belangrijke uitvloeisels. Als je kijkt naar Ef.5:18: wordt vervuld met de Heilige Geest, je ziet zo mooi in de Statenvertaling door die deelwoorden die daarop volgen wat de bedoeling is: sprekende tot elkander in lofzangen, geestelijke liederen en psalmen, God prijzende en lovende. Dat betekent: daarin komt die vervulling van de Heilige Geest tot uitdrukking. In echte lofprijzing, dankzegging en aanbidding. Daarom is aanbidding een wezenlijk onderdeel van het christenleven. Wij moeten leren leven in een geest van aanbidding. Wij moeten leren leven met woorden van aanbidding, die als het ware voortdurend, zo zegt Hebr.13 dat, voortdurend de vrucht van de lippen, in een voortdurende lofprijzing aan God. Dat kan alleen echt zijn door de kracht van de Heilige Geest. En weer heb je daar de na-aperij. Waar de kracht van de Heilige Geest ontbreekt, daar is het helemaal geen kunst om een praiseavond te organiseren die alleen maar betekent dat iedereen lekker uit zijn dak gaat, om een moderne jeugduitdrukking te gebruiken. Als de kracht van de Heilige Geest niet aanwezig is, is het niets anders dan Haagse bluf, met excuses aan alle Hagenaren onder ons. Het is alleen maar schuim. Het is buitenkant. Het betekent niets. Dat is geen argument tegen praiseavonden. Denkt er om. Het is een argument tegen muziek die niet verder gaat dan het natuurlijke genot, de oren, de hersenen. Maar die niet het hart raakt. En daar tegenover staat de ware verrukking omtrent Christus. Het ware enthousiasme over God. Enthousiast betekent letterlijk: in God zijn. Het hele nieuwe testament is doortrokken van woorden van lofprijzing. Soms maar één of twee regels, midden in het betoog van de apostel. Tot het boek Openbaring aan toe. Eén van de dingen die je gaat missen als je eenmaal de kracht van de Heilige Geest in je leven gekend hebt, en het zakt dan weer een beetje in, dat is deze aanbidding. Dat merk je. Mensen die het nog niet kennen, die missen het ook niet. Als je het gekend hebt, en de kracht van de Heilige Geest wordt minder in je leven, dan ga je dat missen, want je voelt: ik leef niet meer in een geest van aanbidding. Dat is zo buitengewoon belangrijk. Een heel belangrijk aspect is ook het getuigenis. Veel christenen hebben daar moeite mee. Die vinden het moeilijk om een getuige van de Heere Jezus te zijn. Ja geen wonder, als het in eigen kracht moet gebeuren, dan is het ontzettend moeilijk om tegenover een vreemde, of tegenover een collega, of buurman, of buurvrouw te gaan spreken over de Heere Jezus Christus. Maar de Heere Jezus heeft zelf gezegd: waar het hart vol van is, daar loopt de mond van over. Als je aangedreven wordt door de kracht van de Heilige Geest, dan merk je dat het helemaal niet zo moeilijk is. Dan merk je zelfs dat er een innerlijke aandrang is. Dat je er niet eens meer over kunt zwijgen. Dat is geweldig als je dat eenmaal mag beleven. Dan weet je: dit is de kracht van de Heilige Geest. Die is er niet altijd. Dan moet je weer dat gebed van Luk.11:13 bidden. Dan moet die kracht weer terug komen. Ik las van Charles Finney, één van de opwekkingspredikers in de 19e eeuw, één van de grootste die onnoemelijk veel mensen tot zegen is geweest, en die als vanzelfsprekend, en vandaag is dat weer aan het terugkomen, de evangelieprediking gepaard deed gaan van ziekengenezing en ook van bevrijdingsbediening. En hij merkte soms in zijn verkondiging, dat er een zeker routine in kwam. En als er routine in kwam, dan genazen er veel minder zieken, of niemand meer. Dan werden er geen mensen bevrijd. En dan zij hij: dan trok ik me één dag of twee dagen terug om te bidden en te vasten. Maar in feite is dat het gebed van Luk.11:13. Opdat de kracht van God terug zou komen. Of om een moderne uitdrukking te gebruiken: om op te laden bij de Heere God. Als je het niet kent, dan weet je niet waarvan ik praat. Als je het gekend hebt in je leven, dan weet je precies wat je mist als het weer eens een tijdje ingezakt is. En dan ga je terug naar de Heere God en dan bid je het gebed van Lukas 11.13 Hij is een goede vader Hij wil dolgraag je de Heilige Geest geven als je daarom bidt, je wordt er weer vol van. Merkwaardig in het boek handelingen is dat is het vierde punt dat ik wil noemen dat er zo vaak gesproken wordt over profetie profeteren is spreken, letterlijk vanuit de tegenwoordigheid van God 1 Cor.14:3 geeft het effect er van aan je spreekt tot stichting vermaning en vertroosting, je mag dat niet omdraaien. Als iemand een preek houd die stichtelijk,vermanend en vertroostend is wil dat nog niet zeggen dat hij profeteert maar profeteren betekend wel dat het altijd dit effect heeft maar profeteren is het woord Gods spreken vanuit de tegenwoordigheid van God dat spreken waarvan God wil dat het hier en daar gesproken op dit moment gesproken wordt Profeteren is alleen mogelijk door de kracht van de Heilige Geest Iedereen met een goed stel hersens en met een beetje studievaardigheid die zou zich boeken kunnen aanschaffen zoveel als ik weet niet wat of daar zelfs examen kunnen over afdoen en als hij ook nog welbespraakt is daarover een preek houden maar de waarde van de preek wordt afgemeten aan de effecten die het heeft in de levens van mensen; Wanneer is iemand een evangelist? Als er mensen tot geloof komen; Wanneer is iemand een genezingsbedienaar? Wanneer hij bidt voor zieken en heel veel mensen komen tot genezing; Wanneer is iemand een bevrijdingsbedienaar? Wanneer heel veel mensen onder zijn bediening bevrijd worden van demonen. Zo kan je nog een tijdje doorgaan. Wanneer is iemand een herder? Als de schaapjes verzorgd en vertroeteld worden en eventueel teruggebracht worden bij de kudde. Daarin blijkt dat, je kunt wel zeggen dat je wat bent maar als je wat bent dan ben je een instrument in Gods hand waardoor de kracht van de Heilige Geest toestroomt naar anderen. God zou het allemaal zonder ons kunnen doen, maar Hij heeft er voor gekozen soeverein voor gekozen om het doormiddel van mensen te doen. En de kracht van de bediening blijkt uit de effecten die het heeft op de levens van mensen. Als mensen niet zouden veranderen onder mijn bediening en ik zie dat niet altijd wat er allemaal gebeurt of wat er niet gebeurt maar als ik niet zou horen dat er mensen veranderde en aangeraakt werden door de bediening dan zou ik er mee ophouden dan moet ik gaan vragen Here God hebt u wat anders voor mij, want u wilt mij gebruikt als instrument om tot zegen te zijn maar als er op deze manier geen zegen bewerkt wordt dan moet ik wat anders gaan doen. Want profeteren is spreken uit de tegenwoordigheid van God en dat raakt mensen altijd aan. Ze worden opgebouwd vermaand en vertroost maar dat is alleen als het ook echt woorden zijn uit Gods tegenwoordigheid, je ziet het verschillende keren in handelingen mensen krijgen de hand opgelegd, ontvangen de Heilige Geest en ze gaan profeteren. Ze hebben ineens een mag ik het even heel modern zeggen ze zijn ineens online ze zijn ineens een onmiddellijke verbinding met God dat is door de Heilige Geest en ze gaan Gods woorden spreken dat is heel bijzonder dat is niet iets van de laatste tijd dat is door hele kerkgeschiedenis heen aanwijsbaar en dat is wonderbaarlijk maar daar heb je elke keer de kracht en de tucht van de Heilige Geest voor nodig het gevaarlijkste voor iemand zoals ik die veel preekt is dat het een routine aangelegenheid wordt ik heb over dit onderwerp vele malen gepreekt maar het is altijd anders want ik vraag aan de Here wat moet ik vanavond in waddinxveen zeggen wat Zijn U woorden want ik wil de woorden spreken die van U komen en die dingen die mensen raken die mensen hier in deze regio nodig hebben dat weet Hij alleen ik kan wel denken dat ik het weet maar ik weet het niet alleen zo komt de kracht van de Heilige Geest zichtbaar. En ik sta daarbij de Here meer in de weg dan wat anders en toch wil Hij mij en heel vele van ons op uw terrein gebruiken dat is Zijn wonderbaarlijk gebaar . Ik heb u al gezegd het is mij duidelijk geworden en dat heeft lang genoeg geduurd voordat de Here mij dat aan mijn verstand kon brengen maar het is mij duidelijk geworden in een tijd dat vele, vele christenen in Nederland aan het duidelijk worden is. Dat als ik niet tegelijkertijd naast de evangelieverkondiging bid voor zieken en bid voor mensen die in demonische machten zijn dan doe ik een half werk. De Here Jezus zegt keer op keer tegen zijn discipelen, predikt het evangelie genees de zieken drijf de demonen uit. Maar we zijn die andere twee dingen een beetje kwijt geraakt, maar dat komt doordat de kracht van de heilige Geest dan ingezakt is waar die kracht terugkomt komen deze dingen ook weer. Lieve mensen ik kom tot de laatste vraag, wat zit u in de weg. Als u zegt vanavond ik ken dat zo weinig, hoe komt dat. Als u zegt ik ken dat zo weinig dan is dat ook omdat u misschien onwetend bent of niet zo erg veel weet van deze dingen omdat het nieuw is voor u dat kan ik me heel goed voorstellen, hier zijn vast een heleboel mensen die zeggen nou we zetten allerlei dingen in daar heb ik nog nooit iets over gehoord, daar moet ik eens rustig over nadenken. Nou doet u dat denk er eens rustig over na. Neem er de tijd voor laat u niet iets opleggen, opdwingen overleg dat voor het aangezicht des Heren met u bijbel in de hand op uw knieën en vraag de Here of deze dingen alzo zijn . en als er dan een positieve respons in u hart is vraag dan vervolgens Here God laat ook die kracht van de Heilige Geest in mijn leven zichtbaar worden. En vraag daar dan dit bij Here God wat zit mij in de weg behalve eventuele onkunde wat zit mij in de weg dat de Kracht van de Geest in mijn leven zichtbaar wordt. Weet u dat in deze zaal mensen zitten met onbeleden zonden op hun geweten, zonden waarvan ze weten dat ze die zouden moeten belijden maar ze zijn er eenvoudigweg nog niet toegekomen. Naar de Here God toe, naar mede mensen toe. Dat weet ik want ik heb vele malen gevraagd of mensen hun hand willen opsteken terwijl iedereen zijn ogen dicht heeft, en alttijd zijn er mensen die hun hand opsteken, altijd. Zal wel vreemd zijn als dat vanavond niet zo was. Vind u het dan vreemd dat in de levens van zulke mensen de kracht van de Geest niet zichtbaar wordt? Hier zijn mensen die zeggen ik belijd mijn zonden wel maar ik val elke keer weer terug in dezelfde zonden. Dat zijn zondige bindingen, Paulus zegt in Rom. 6: 12-13 laat dan de zonden niet langer heersen in u sterfelijk lichaam, dat is een opdracht, en in hoofdstuk acht maakt hij duidelijk dat dat is in de kracht van Gods Geest. En toch zijn hier mensen in zondige bindingen. Die proberen daarvan bevrijdt te worden en het lukt ze niet, ze zijn verslaafd. Het maakt niet uit of dat gokverslaving is, eet of drinkverslaving, rookverslaving, seksverslaving, nicotine, alcohol maakt niet uit wat het is, je weet, je bent gebonden, je hebt misschien gedacht dat dat nu eenmaal zo is we zijn nu eenmaal arme zondaren hier op aarde maar ik zeg je vanavond er is een weg van bevrijding. Voor gebonden mensen, de duivel houdt je gebonden want dan kan de kracht van Gods geest in jou leven niet openbaren. Er zijn hier andere mensen in deze zaal, niet zozeer met zondige bindingen of onbeleden zonden niet zo zeer dat ze slechte dingen doen maar dat ze zomaar wat doen ze hebben nog nooit echt, ik spreek over mensen met de zekerheid van het geloof, maar ze hebben nog nooit echt hun leven, hun hart aan God toegewijd. Ze doen niet zovel lelijke dingen maar ze doen zo maar wat ze leven hun eigen leventje. Dat noemen we een vleselijk leven, ik heb daarstraks al gewezen op Gal.5. Hier zijn ook mensen die best het goede zouden willen. Dat is een vierde probleem. Maar ze laten elke keer hun geestelijke kracht leegzuigen door verkeerde contacten. Met wereldse vrienden, met mensen om hun heen die hun omlaag trokken. De Here Jezus ging met de zondaren van deze wereld maar Hij bracht ze omhoog naar Zijn niveau. Veel christenen gaan om met de zondaren van deze wereld en laten zich omlaag trekken naar hun niveau en verbazen zich er dan over dat er geen geestelijke kracht is in hun leven. Eigenlijk zijn dit allemaal dingen waarbij u zelf verantwoordelijk bent. Gaat om uw zonden. Er is nog een vijfde iets en dat is dat heel veel mensen geplaagd worden door wrok en bitterheid. Dat betreft altijd zonden die anderen u hebben aangedaan. Als ik al van zonden zou willen spreken dan is het zonde dat u hebt toegestaan dat die dingen zich in u hart gingen vast haken. Paulus zegt niet voor niets in Efz. 4 Laat de zon niet ondergaan over een opwelling van uw toorn, dat wil zeggen die toorn moetweer wegvloeien, als die zich gaat vasthaken in uw ziel dan kan die er zestig jaar later nog zitten je komt oude mensen tegen die beginnen nog te huilen als ze het over hun opvoeding hebben. Hun hele leven is vergald door wrok en bitterheid. Door wat anderen hen hebben aangedaan, ze komen er niet toe die mensen te vergeven, daar heb je ook als mens alle begrip voor maar intussen kunnen ze niet tot geestelijke kracht komen want hun denken zit gebonden. Lieve mensen we kunnen nog zoveel avonden hebben over de Heilige Geest maar als we er geen werk van maken om te breken met deze dingen dan zal het ons niet lukken.

Ik wil vanavond heel concreet voorbede voor u doen. En ik doe dat omdat ik al vele malen ervaren heb dat de Here dat wonderlijk wil zegenen, niet omdat ik het ben maar omdat Hij gebruik maakt van Zijn dienstknecht om mensen tot zegen te zijn. Het trof me dat we straks intensief gebeden hebben, zowel in de consistorie als ook hier hardop, dat mensen mochten worden aangeraakt door Uw Geest. Ik vraag u met mij in gebed te gaan, uw ogen te sluiten en te gaan bidden voor die mensen die ik wil uitnodigen om vanavond te zeggen ik hoor bij die categorie. Kijk als in waddinxveen zodanig is dat niemand van die mensen hier aanwezig is dan hoef ik ook geen voorbede te doen, ik doe dat niet zomaar in het wilde weg. Maar als we samen gaan bidden dan vraag ik u, laten we samen gaan bidden, onze ogen sluiten. Kijk niet uit nieuwsgierigheid rond, dat is ook een werk van het vlees. Ik zal u vertellen waarom ik het vraag. Doe maar rustig u ogen dicht en luister maar met gesloten ogen, de reden waarom ik het vraag is dat uzelf het nodig hebt om een keer te erkennen voor God ik heb een probleem. U steekt u hand niet op voor de Here God want die weet het al van u. U doet het voor uzelf er zit een stuk erkenning in dat u een probleem hebt en u doet het voor mij zodat ik weet dat ik voor u kan bidden, dat u er bent dat zulke mensen er zijn, mag ik u vragen vanavond, steek u hand op als u de moed hebt en ik bid Here God geef mensen de vrijmoedigheid hun hand op te steken. Als ze vanavond door U geest aangeraakt willen worden, overtuigd willen worden in hun geweten, nee u steekt u hand al op maar ik heb nog niks gevraagd ik ga het nu pas vragen, de eerste vraag is wie zit hier met onbeleden zonden op zijn geweten waarvan hij weet dat moet ik in orde maken met God of met medemensen. Dank u broeder ik heb u gezien, en u ook,u ook, Bid mensen allemaal. Voor anderen dat ze de moed mogen vinden om vanavond te zeggen; 'Heere God, ik heb een geweldig probleem en ik wil vanavond in de vrijheid gezet worden.' Ik wacht nog even, er zijn nog meer mensen die daar moeite mee hebben om te erkennen dat ze een probleem hebben. Kom er vanavond mee voor de dag. Er zijn nog meer mensen die hun hand op steken., ik wacht nog even. Doet u uw handen maar naar beneden. Ik ga een tweede vragen stellen. Wie zijn hier de mensen die zeggen; 'ik beleid mijn zonden zo vaak, maar ik zit vast in een zondige binding van waar ik niet uit kan komen'. In allerlei vormen van verslaving. Nicotine of alcohol verslaving, seksverslaving, gokverslaving, koopverslaving, eet- of drinkverslaving. Er zijn veel verslaafde mensen, alleen God moet u overtuigen in uw hart dat u uw hand durft op te steken om te zeggen 'ik heb een probleem en ik wil vrij worden, ik kom alleen niet vrij.' Lieve mensen, bid voor elkaar. Dat Gods Geest werkt aan harten van mensen opdat ze overtuigd worden van zonden. Wie zijn hier degenen die zeggen; 'het probleem zit hem in' (doet u uw handen maar naar beneden) wie zijn degene die zeggen; 'mijn probleem is in verkeerde contacten die elke keer mijn geestelijke kracht leeg zuigen. Maar ik heb niet de moet om daarmee te breken. Zijn er zulke mensen? Ik zie een paar handen. Ik wacht elke keer even omdat ik graag mensen gelegenheid wil geven; het kost moeite om je hand op te steken. Dank u wel. Mijn probleem is niet zozeer grove zonden die ik zou moeten belijden maar gewoon dat ik eigenlijk gewoon voor mezelf leef. Ik ga trouw naar de kerk of naar de gemeente maar eigenlijk heb ik nog nooit echt mijn leven helemaal aan God toegewijd. Die hebben vanavond nodig om een echte stap van toewijding te doen voor de Heere God. Een echte overgave, dat ze niet langer een vleselijke maar een geestelijke levensstijl gaan krijgen. Dank u, ik zie veel handen. Er komen nog meer handen, er komen nog meer handen. Ziet u lieve mensen waar onze kracht – ja, jullie zien het niet want jullie moeten je ogen dicht houden, maar ik zie het – maar onze kracht ontbreekt. Al die dingen, en er zijn nu al zoveel mensen die hun handen opgestoken hebben. Ziet u het? We kunnen niet gaan bidden voor een doorbraak van de kracht van God als er zoveel belemmeringen zijn. En nu de vraag waar meestal de meeste handen voor komen. Wie zijn mensen die wrok en bitterheid in hun hart hebben tegenover mensen die jou kwaad hebben gedaan. Maar die wrok en bitterheid vreten van binnen aan jou. Bij de een is dat sterker bij de ander. Misschien kan het je kapot maken, als het heel erg is. Maar het verlamd je, het verhinderd je om geestelijk te groeien, sterk te zijn. Steek je handen op. Wie hebben er wrok en bitterheid in hun hart? Denk maar na, als je heel diep moet graven is het niet zo erg met je, maar vaak weet je het onmiddellijk. Mensen die wrok en bitterheid hebben jegens anderen, misschien wel op dit moment. In je relatie, naar je ouders toe, naar je kinderen toe, naar je partner. Misschien ben je wel op leeftijd maar heb je nog steeds wrok en bitterheid naar je ouders toe. Doe je handen maar naar beneden.

Heere God, ik kom bij u met al deze mensen die hun hand hebben opgestoken. Ik dank u daarvoor, voor hun eerlijkheid, dat ze vanavond willen erkennen; 'Heere God ik heb een probleem'. Ik dank u voor de werking van Uw Geest in de harten van levens van deze mensen dat ze er vanavond voor uit willen komen; 'ik heb een probleem'. Dat ze het voor zichzelf willen erkennen, Heere God. U wist dat allang van hen. En nu mogen we bij u komen Heere en U bidden om U wonderbare kracht. Ik bid U voor de eerste groep dat die mensen die zonden op hun geweten hebben dat ze die zonden gaan belijden naar u toe. Lieve mensen, laten we een ogenblik stil zijn zodat ieder van ons die dingen heeft te nemen naar de Heere God die uit de weg geruimd moeten worden, laten we dat doen. Laten we een ogenblik stil zijn. (...)

Dank u Heere dat u werkt. Dank U dat Uw Geest hier is. Heer ik bid u voor al die mensen die gezegd hebben dat ze met zondige bindingen te maken hebben. O God, verbreek die bindingen in de machtige Naam van Jezus Christus. Wilt U mensen in de vrijheid zetten, hier en nu, door de kracht van Uw Geest. Mensen die misschien al lang gedacht hebben; 'ik kom d'r nooit vanaf' en die op deze avond verwonderd gaan staan, Heere God, door dat Uw Geest ze zomaar opeens in de vrijheid zet. Als dienstknecht van de Heere God spreek ik vrijheid uit, verbreking van banden in de Naam van de Heere Jezus Christus. Vernieuwing van levens, van vernieuwing van toewijding. Bevrijding van elke macht die tegen U is.

Heer ik bid U voor hen die verkeerde contacten onderhouden en weten dat het verkeerd is, geef ze de kracht Heere om met die verkeerde contacten te breken. Heer U zegt tegen mij, dat er hier mensen zitten die verkering hebben of verloofd zijn met iemand waarvan ze weten dat dat niet goed is. Omdat dat iemand is die u niet kent of die niet toegewijd aan u willen leven. Maar dat is heel moeilijk Heere God, maar overtuig zulke mensen ervan dat ze met die contacten moeten breken.

Ik bid U Heer voor elk mens die gezegd heeft; ik leef eigenlijk zomaar voor mezelf ook al ben ik dan een christen. Oh God, kom met Uw kracht, de kracht van Uw Geest om die mensenlevens te vernieuwen zodat ze zich gaan toewijden aan U. Ik zou tegen hen willen zeggen; zeg het nu in een ogenblik tegen de Heere God in u eigen woorden. Heere God, ik leg mijn leven in Uw hand. Ik wil niet voor mezelf leven, voor het plezier. Ik wil leven voor U. Zeg het in je eigen woorden, nu in deze ogenblikken, ook als je je handen niet hebt opgestoken. Maak een echte toewijding naar de Heere God en bid om de kracht van Zijn Geest zodat je in die kracht je toewijding kunt volhouden. Laten we stil zijn en zachtjes bidden voor hen die toegewijd willen leven. Heer U hoort onze woorden, stuk voor stuk. U kent onze harten, u kent onze harten Heer. Heer er worden allerlei dingen voor U uitgesproken. Maar die kunnen alleen maar waargemaakt worden in de wonderbare kracht van Uw Heilige Geest. Daal met Uw Geest neer over al die bidders. Vervul Uw belofte van Lukas 11:13. Vader ik bid u dat U de volheid van de Geest schenkt aan hen die U daarom bidden. Want het is door de volheid van die Geest dat ze kracht zullen vinden en een U toegewijd leven te lijden.

Heer ik bid u voor allen die wrok en bitterheid in hun hart hebben. Een bitterheid die hun leven van binnen kapot vreet. En die al zo lang hen kwelt en hen verhinderd om tot geestelijke kracht te komen, zich te laten vullen met Uw Geest. Want die ruimte die gevuld zou kunnen worden met Uw Geest daar zit die grote prop van wrok en bitterheid die zich in hun harten heeft vastgehaakt. O Heere God, ik bid ook over hen dat U ze in de vrijheid zet. Dat ze los mogen komen van die vreselijke wrok. Dat U ze innerlijk vrijmaakt van de mensen die hun dat hebben aangedaan. Zodat die mensen hen niet meer kunnen kwellen, mensen die misschien nog leven, mensen die misschien allang al overlijden zijn maar nog altijd worden ze door die mensen gekweld, door de herinneren. Ik spreek vanavond als dienstknecht van Heer genezing uit over jouw herinneringen. Genezing over jou gevoelens. Dat Gods Geest je aanraakt zodat je hart niet meer verhard en bitter is, maar dat je hart zacht mag worden. En dat de personen die je gekweld hebben jou niet langer zullen kwellen, maar de zachtheid en liefde van God in je leven binnenkomt. En herstellen mag, herstellen mag. Dan komt er ruimte voor de Geest. Het is door die Geest dat je genezing ontvangt. En tegelijkertijd zal je hart vrij worden om meer en meer van die Geest te gaan ontvangen. Het is wonderbaarlijk Heer. Dank U voor wat u doet, dank U voor wat U geeft. U Naam is geloofd en geprezen. Amen. Amen.

Hou dit vast, laat de duivel het je niet afpikken. Door wat voor redeneringen dan ook, door afleidingen ook, in de gesprekken. Hou dit vast en laat de Geest van God de volle uitwerking hebben in je ziel. Ik wens u een goede pauze toe, we komen straks zo gauw mogelijk weer terug en ik hoop dat u dan ondertussen wat vragen heeft opgeschreven.
 

Podcast

Audio RSS Bijbellezingen Willem Ouweneel
Podcast Feed

Poll

Heeft u Bijbellezingen van Willem Ouweneel in Waddinveen bezocht?